Meerjarenplan Wetteren 2026–2031: veel snoeien, weinig toekomst
Het gemeentebestuur van Wetteren, zonder Groen&Co in de meerderheid, stelde onlangs het meerjarenplan 2026–2031 voor. Dat Wetteren voor stevige financiële uitdagingen staat, is duidelijk. Stijgende personeelskosten, beperkte inkomsten en lopende infrastructuurprojecten maken deze oefening allesbehalve eenvoudig. Als deel van de fractie Groen–Vooruit erkennen we die realiteit.
In het plan zien we een aantal noodzakelijke keuzes, maar ook opvallende blinde vlekken. Vanuit die dubbele vaststelling nemen we onze rol op: meewerken aan wat goed is, benoemen wat ontbreekt en vooral aangeven waar kansen liggen om Wetteren sterker, socialer en toekomstbestendig te maken.
Een boekhoudkundig plan zonder echte ambitie
Globaal leest dit meerjarenplan als een boekhoudkundig document. De cijfers kloppen, maar echte ambities voor Wetteren zijn moeilijk te vinden. Waar die er wel zijn, ontbreken vaak de bijhorende middelen.
Zo bevat het plan geen enkele concrete maatregel rond verkeersveiligheid en mobiliteit, behalve een onderzoek naar een ondergrondse parking onder de Zeshoek – een project dat miljoenen kost, zonder dat duidelijk is waar dat geld vandaan moet komen. Ook bij besparingen ontbreekt een visie op hoe noden elders kunnen worden opgevangen. De sluiting van de bibliotheek in Massemen is daar een pijnlijk voorbeeld van: er is geen duidelijk plan voor het gebouw, noch voor hoe men samen met de school en de inwoners blijft werken aan geletterdheid en ontmoeting.
Financiële sanering zonder toekomststrategie
Dat er moet worden ingegrepen in de financiën, staat buiten kijf. Groen–Vooruit is het echter niet eens met de gekozen aanpak. Door de belastingen ongemoeid te laten, maar tegelijk tarieven en vaste kosten te verhogen, treft men vooral de meest kwetsbare inwoners.
Bovendien wordt bespaard op ondersteuning van verenigingen, op de programmatie van cc Nova en op de collectievorming van de bibliotheek, met onder meer de sluiting van het filiaal in Massemen. Dat zijn relatief kleine bedragen die weinig opleveren, maar een grote impact hebben op sociale cohesie en ontmoeting.
Ook het patrimoniumbeleid staat volledig in het teken van besparen. Een vastgoedplan moet 3,25 miljoen euro opleveren, een bijzonder hoog bedrag. Hoe dat concreet zal gebeuren, blijft voorlopig onduidelijk. Transparantie ontbreekt.
Betaalbaar wonen: veel analyse, weinig actie
Het bestuur kondigt een woonvisie aan tegen 2028, maar het meerjarenplan bevat geen enkele concrete doelstelling voor betaalbare of sociale woningen. Er zijn geen aantallen, geen groeipaden en geen investeringsbudgetten voorzien, ondanks de grote druk op de Wetterse woningmarkt.
De middelen die wel worden uitgetrokken, gaan bijna uitsluitend naar onderzoek, procesbegeleiding en communicatie. Zo is er in 2026 80.000 euro voor een woonbehoefteonderzoek, maar geen budget om effectief woningen te realiseren, gronden aan te kopen of publieke projecten op te starten.
Een woonvisie zonder investeringen is geen visie, maar een brochure. Wetteren heeft nood aan betaalbare huurwoningen, starterswoningen, zorgwonen en meer sociale woningen.
Ook het leegstandsbeleid blijft vaag en ondergefinancierd, waardoor het weinig kans maakt om echt verschil te maken.
Klimaatbeleid: onvoldoende ambitie voor grote uitdagingen
Groen–Vooruit steunt de aandacht voor vergroening en waterbeheer, maar het tempo en de schaal zijn ontoereikend. Het bestuur wil jaarlijks 1.000 m² ontharden – minder dan de oppervlakte van één middelgrote parkeerzone – en tegen 2031 slechts 5.000 m³ waterbuffering realiseren. Dat staat niet in verhouding tot de toenemende problemen met hitte en wateroverlast.
Met jaarlijkse investeringen van 125.000 euro voor ontharding en vergroening blijft Wetteren kwetsbaar.
Vergroenen is geen luxe, maar noodzakelijke gezondheidszorg en klimaatbescherming.
We zijn positief over projecten zoals het Scheldeoeverpark en de vergroening van pleinen, maar missen een duidelijke investeringskalender en budgettaire onderbouw.
Mobiliteit blijft te autogericht
In het mobiliteitsbeleid gaat veel aandacht en geld naar grote infrastructuurdossiers, zoals de Noord-Zuidverbinding. Voor veilige fietsroutes, trage wegen en schoolomgevingen blijven de middelen echter beperkt: tussen 80.000 en 140.000 euro per jaar.
Dat volstaat niet om gekende knelpunten aan te pakken, zoals aan de Cooppallaan, richting Scheldebrug of aan het station. Concrete ingrepen en duidelijke prioriteiten ontbreken.
Zolang mobiliteit bekeken wordt door de bril van de auto, blijven kinderen, voetgangers en fietsers op hun honger zitten.
Zorg en welzijn: grote woorden, magere middelen
De uitbreiding van kinderopvang De Kleine Prins is een positieve stap, net als de ambitie om tegen 2030 voldoende opvangplaatsen te voorzien. Maar daar stopt het goede nieuws.
Onder druk van Groen–Vooruit werden het afstoten van gezinszorg en de verhuis van het Sociaal Huis tegengehouden, maar andere afbouw blijft voelbaar. Ook rond het woonzorgcentrum is er veel onzekerheid: de gemeente laat expliciet open of ze in de toekomst nog zelf een rol wil opnemen in zorgverlening.
Intussen blijven belangrijke problemen onderbelicht:
- stijgende kinderarmoede,
- amper middelen voor preventieve gezondheidszorg,
- geen extra personeel of budget voor activering richting werk.
Participatie zonder middelen
Het bestuur zegt participatie te willen versterken, maar voorziet geen instrumenten of budgetten: geen wijkbudgetten, geen burgerbegroting, geen jongerenparticipatie, geen bewonerspanels.
Participatie is geen hoofdstuk in een beleidsnota, maar een manier van werken.
Wetteren verdient meer
Dit meerjarenplan is vooral een financiële oefening. Dat begrijpen we. Maar het is ook een gemiste kans om een helder toekomstverhaal te brengen voor Wetteren.
Met meer ambitie en investeringen in wonen, leefkwaliteit, klimaat en sociale verbondenheid kan dit plan groeien tot iets sterkers. Groen–Vooruit wil daar constructief aan meewerken.
Want Wetteren verdient een beleid dat niet alleen rekent, maar ook bouwt aan een warme, groene en solidaire gemeente.

